
Algemeen
De primaire taak van N.V. Waterbedrijf Groningen is het verzorgen van de drinkwatervoorziening in de provincie Groningen. Daarnaast worden door N.V. Waterbedrijf Groningen activiteiten verricht op het vlak van industriewaterlevering en afvalwaterzuivering, warmte en koude levering en waterkwaliteitscontrole en advisering. Genoemde activiteiten anders dan de primaire drinkwatervoorzieningen vinden plaats in verschillende samenwerkingsverbanden.
Vanuit risicobeheersing en bedrijfsvoering hechten wij veel belang aan een transparante scheiding van activiteiten. Dit betekent dat de activiteiten die binnen de verschillende samenwerkingsvormen plaatsvinden, zijn ondergebracht in afzonderlijke juridische entiteiten (zie onderstaand schema). De bedrijfsmiddelen (assets) ten behoeve van deze activiteiten zijn ondergebracht in de verschillende entiteiten.
Door N.V. Waterbedrijf Groningen worden diensten verricht ten behoeve van de verschillende entiteiten. Deze dienstverlening is vastgelegd in onderlinge overeenkomsten, waarin ook afspraken zijn gemaakt over de tarieven waartegen onderling wordt afgerekend.
Juridische structuur
Naar de stand van 31 december is de juridische structuur als volgt:

Resultaat 2021
Het resultaat is als volgt te specificeren (bedragen x € miljoen).
| 2018 | 2019 | 2020 | 2021 | |
| Opbrengsten | 55,1 | 58,4 | 58,8 | 60,0 |
| Bedrijfskosten | 50,7 | 53,3 | 54,0 | 55,7 |
| Bedrijfsresultaat | 4,4 | 5,1 | 4,8 | 4,3 |
| Financieel resultaat | -2,4 | -2,2 | -2,0 | -2,0 |
| Resultaat deelnemingen | 0,1 | -0,7 | -0,8 | 0,8 |
| Winstbelasting | -0,1 | -0,1 | -0,2 | 0,1 |
| Resultaat | 2,0 | 2,1 | 1,8 | 3,2 |
Het geconsolideerde bedrijfsresultaat over 2021 komt uit op € 4,3 miljoen (2020: € 4,8 miljoen). Het resultaat na belasting - exclusief resultaat uit deelnemingen - over 2021 is € 2,4 miljoen (2020: € 2,6 miljoen). Het resultaat uit deelnemingen bedraagt € 0,8 miljoen, tegenover een verlies in 2020 van € 0,78 miljoen. Het geconsolideerde resultaat over 2021 betrof € 3,2 miljoen en is substantieel gestegen ten opzichte van 2020 (€ 1,8 miljoen).
Het positieve resultaat deelnemingen is voor het overgrote deel toe te schrijven aan het resultaat betrekking hebbend op deelneming North Water (€ 0,8 miljoen). Verder is het verlies bij deelneming WarmteStad B.V. beperkt gebleven tot € 0,02 miljoen hoofdzakelijk door een eenmalige belastingbate dankzij opname van een actieve latentie voor fiscale verliescompensatie van de vennootschapsbelasting. In de begroting was nog geen rekening gehouden met deze belastingbate, het begrote verlies voor deelneming WarmteStad was € 1,6 miljoen.
Bedrijfsopbrengsten
De totale bedrijfsopbrengsten in 2021 bedragen € 60,0 miljoen en zijn daarmee € 1,2 miljoen hoger dan het boekjaar 2020. De totale netto omzet drinkwaterlevering over 2021 bedraagt € 49,4 miljoen (2020 € 48,2 miljoen) en is als volgt te specificeren (in € miljoen):
| 2021 | 2020 | |
| Bemeterd kleinverbruik | 32,9 | 31,9 |
| Onbemeterd kleinverbruik | 0,8 | 0,9 |
| Capaciteits-/grootverbruik | 15,2 | 14,9 |
| Overige (zusterbedrijven) | 0,5 | 0,5 |
| Totaal | 49,4 | 48,2 |
De toename van de netto omzet drinkwater wordt verklaard door een hogere drinkwaterprijs van 4,2% bij kleinverbruik dit bij een lichte daling van 2,5% in de afzet ten opzichte van 2020 in het kleinverbruik, daarnaast zien we een vergelijkbaar effect bij capaciteitsverbruik.
Met ingang van 2021 worden reguliere jaarlijkse terugkerende opbrengsten zoals vergoedingen voor verrichte werkzaamheden voor derden, in rekening gebrachte kosten voor incasso en bijvoorbeeld vastrecht voor brandkranen naast de opbrengsten uit drinkwaterverkopen voortaan ook onder de netto-omzet gepresenteerd. Deze opbrengsten bedragen in 2021 € 10,6 miljoen (2020 € 10,2 miljoen).
Bedrijfslasten
De bedrijfslasten over 2021 komen uit op € 55,7 miljoen en zijn daarmee ten opzichte van 2020 met € 1,7 miljoen gestegen.
De kosten voor uitbesteed werk zijn in 2021 met € 0,7miljoen gestegen, met name als gevolg van extra kosten voor ICT ondersteuning ad € 0,5 miljoen. De hogere ICT kosten worden met name veroorzaakt doordat er groei is in ondersteuning van uitrol en beheer van applicaties, verhoogde inzet op digitalisering, maar ook hogere kosten door stijgende tarieven voor zowel licenties, maar ook duurdere inhuur van ICT-consultancy door krapte in deze sector. Verder zijn de laboratoriumkosten gestegen door een groter contract voor jaaronderzoek € 0,1 miljoen, een stijging in de kosten gerelateerd aan incasso ad € 0,1 miljoen en is er meer uitgegeven aan onderzoek ad € 0,1 miljoen onder meer door verkenning op gebied van uitbreidingsmogelijkheden voor grondwaterwinning.
In 2021 zijn de salariskosten beperkt gestegen met 1,5%. Dit wordt verklaard door een verhoging van de salarisschalen conform CAO afspraken met € 75 bruto per maand, nieuwe instromers hadden gemiddeld genomen een iets hoger salaris, verder was er sprake van een lichte afname van het gemiddeld aantal FTE's in de loop van 2021.
Ondanks een lichte stijging van de salariskosten zijn de totale personeelskosten in 2021 met ca. € 0,5 miljoen gedaald tot € 14,8 miljoen (2020: € 15,3 miljoen). Een daling die het gevolg is van relatief meer inzet (activering) van eigen personeel op investeringsprojecten zoals de aanleg van de drinkwaterleiding richting de Eemshaven en renovatie van pompstations.
De afschrijvingskosten zijn met € 1,1 miljoen gestegen ten opzichte van 2020. Dit is het gevolg van het verhoogde investeringsniveau in 2020 en 2021 en de daadwerkelijke ingebruikname van gerealiseerde investeringen.
De overige posten binnen de bedrijfskosten bevinden zich in 2021 op een vergelijkbaar niveau met 2020.
Regulering rendement uit drinkwateractiviteiten
Op basis van de Drinkwaterwet zijn wij gehouden aan een maximale vermogensvergoeding over het eigen en vreemd vermogen – de zogenaamde WACC – voor drinkwateractiviteiten. Het wettelijk kader bepaalt hiermee de maximale opslag voor vermogenskosten (rente en winst) die drinkwaterbedrijven mogen hanteren bij de vaststelling van de drinkwatertarieven. Voor 2021 bedraagt de WACC 2,75%. Overschrijding van de WACC geeft de verplichting om de zogenaamde ‘overwinsten’ aan de drinkwaterklanten terug te geven. Sinds de invoering van de WACC heeft Waterbedrijf Groningen altijd gehandeld binnen het maximum van de wettelijk vastgestelde WACC.
De definitieve gerealiseerde WACC over 2021 wordt vastgesteld middels het Bedrijfsverslag dat voor 1 oktober 2022 aan de Minister van Infrastructuur en Milieu wordt gerapporteerd. Voor 2021 zal de WACC voldoen aan het wettelijk maximum.
Drinkwatertarieven
Tarieven 2021
In 2021 is de tariefstructuur op hoofdlijnen niet gewijzigd. Voor de levering van het drinkwater betaalt de klant een vastrecht waarvan de hoogte is gebaseerd op de leveringscapaciteit en voor het drinkwaterverbruik een uniform variabel tarief per afgenomen m3 .
Grondslag voor de tariefbepaling wordt gevormd door de wettelijke vereisten volgens de Drinkwaterwet inclusief onderliggende besluiten en regelingen en het door de aandeelhouders vastgestelde ‘Tarief- en margebeleid’. Voor 2021 heeft dit geresulteerd in een integraal drinkwatertarief voor huishouden bij een jaarverbruik van 100 m3 van € 1,19 per m3 exclusief belastingen (2020: € 1,14 per m3).
Toezicht drinkwatertarieven
De drinkwatertarieven moeten op transparante wijze tot stand komen, non-discriminatoir zijn en de relevante kosten voor drinkwatertaken dekken. Dit alles volgens de wettelijke kaders opgenomen in de Drinkwaterwet en onderliggende besluiten en regelingen. De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) is belast met het toezicht op de naleving van het wettelijk kader en laat zich hierbij adviseren door de Autoriteit Consument en markt (ACM).
Op alle door haar beoordeelde aspecten rond de totstandkoming van onze drinkwatertarieven 2021 is de ACM van mening dat Waterbedrijf Groningen heeft gehandeld in lijn met de wettelijke vereisten.
Belastingen
Met ingang van 1 januari 2016 is de wet modernisering vennootschapsbelastingplicht
overheidsondernemingen van kracht geworden, als gevolg dat behaalde resultaten in beginsel Vpb-plichtig zijn geworden. Vrijstelling kan worden verkregen voor resultaten verkregen met de uitoefening van een wettelijke taak, zoals de drinkwatervoorziening.
Waterbedrijf Groningen is sindsdien in overleg met de Belastingdienst over onder andere de scheiding tussen drinkwater- en niet-drinkwateractiviteiten, de fiscale openingsbalans en de te hanteren winstopslagen op interne leveringen aan niet-drinkwateractiviteiten. Om een getrouwe weergave van de Vpb-positie in de jaarrekening te borgen, hebben wij extern fiscaal juridisch advies ingewonnen. Gedurende 2021 heeft de Belastingdienst op ons verzoek bevestigd dat de entiteit Waterbedrijf Groningen Duurzaam B.V. met terugwerkende kracht ook gerekend mag worden tot de fiscale eenheid van Waterbedrijf Groningen. Fiscale verliezen van Waterbedrijf Groningen Duurzaam B.V. zijn vanaf 1 januari 2016 verrekend met de belaste resultaten van de fiscale eenheid en deze baten worden toegerekend aan de betreffende entiteit. Voorts is SamenWater B.V. onderdeel van deze zelfde fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting.
Over 2021 is er een belastingbate van € 0,05 miljoen ten opzichte van een belastinglast van € 0,16 miljoen in 2020. De bate wordt veroorzaakt door de verrekening van de reeds genoemde fiscale verliezen van Waterbedrijf Groningen Duurzaam B.V.
Zogenaamde actieve belastinglatenties worden slechts gewaardeerd voor zover de realisatie daarvan waarschijnlijk is. Ultimo 2021 bedraagt de actieve belastinglatentie € 0,16 miljoen en de passieve latentie bedraagt € 0,05 miljoen.
Investeringen
De investeringsuitgaven in materiële vaste activa in 2021 bedragen € 22,7 miljoen tegenover € 42,9 miljoen in 2020. De investeringsuitgaven in 2021 liggen iets onder het gemiddelde niveau over de periode 2016 – 2020. De gemiddelde investeringsuitgaven in deze periode bedroegen € 24,5 miljoen.
De investeringsuitgaven 2021 zijn als volgt te specificeren (in € miljoen):
| Aanleg drinkwaterleiding naar Eemshaven | 1,6 |
| Aanleg en reconstructie hoofdleidingen | 6,9 |
| Vernieuwing productielocatie De Groeve | 5,9 |
| Aanleg nieuwe aansluitingen | 1,6 |
| Vernieuwing distributiepompstations | 2,9 |
| Vernieuwing productielocatie Sellingen | 1,5 |
| Investeringen productielocatie Nietap | 0,6 |
| Investeringen productielocatie Onnen en De Punt | 0,3 |
| Watermeters | 0,6 |
| Verbouwing hoofdkantoor | 0,2 |
| Overige | 0,6 |
| Totaal | 22,7 |
Vooruitzichten
Met een hoger integraal drinkwatertarief (jaarverbruik 100 m3) in 2022 ten opzichte van 2021 van 7,5% is voor 2022 initieel een enkelvoudig bedrijfsresultaat voor belasting begroot van ca. € 2,0 miljoen, resulterend in een WACC van 1,75%. De voor 2021 verwachte vermogenskostenvergoeding valt hiermee binnen het geldende wettelijk maximum 2022 van 2,95%. Gelet op de huidige maatschappelijke ontwikkelingen en hoge prijsniveaus is het de verwachting dat het enkelvoudige bedrijfsresultaat lager zal uitvallen dan begroot.
Voor de komende jaren staan naast reguliere investeringen voor de instandhouding van de huidige drinkwaterinfrastructuur tevens investeringen gepland voor vergroting van onze operationele drinkwatercapaciteit en strategische waterreserves. Voor 2022 resulteert dit in een investeringsprogramma van ca. € 33 miljoen. Ook voor de daaropvolgende jaren is het de verwachting dat het gemiddeld investeringsniveau uitstijgt boven het gemiddeld niveau van de afgelopen jaren. Voor de financiering van de in 2022 geplande investeringen is het de verwachting dat in 2022 voor een totaalbedrag van € 25,0 miljoen aan nieuw lang vreemd vermogen wordt aangetrokken.
Sedert medio maart 2020 is Nederland getroffen door het Corona virus. Het mag duidelijk zijn dat de maatschappelijke en economische impact van deze crisis groot zal zijn. De financiële gevolgen hiervan voor Waterbedrijf Groningen zijn relatief beperkt. Mogelijk kunnen de naijleffecten van de coronacrisis nog wel enige impact hebben op betalingsgedrag van sommige klanten, maar ook deze effecten lijken beperkt. Sinds medio 2021 zijn de gevolgen van de energiecrisis voor de maatschappij merkbaar, dit is versterkt door de consequenties van de oorlog in Oekraïne en de toenemende krapte op veel fronten. De komende maanden blijven wij de impact van de crises op de organisatie volgen en wordt waar nodig ook bijgestuurd.
Financiering en ratio's
Op basis van het financieel meerjarenplan 2021 – 2025 was voor 2021 voorzien in het aantrekken van een nieuwe financiering. In 2021 is voor een totaalbedrag van € 25,0 miljoen aan nieuw lang vreemd vermogen aangetrokken en werd in totaal € 6,3 miljoen afgelost. In 2021 bedraagt het gemiddelde over de langlopende leningen verschuldigde rentepercentage 2% (2020: 2,2%).
De procentuele verhouding tussen eigen vermogen en het balanstotaal minus de bijdragen van derden (solvabiliteit) volgens de geconsolideerde balans is ultimo 2021 met 38,6% gelijk gebleven ten opzichte van voorgaand jaar. De interest coverage ratio (ICR) – verhouding interestlasten vreemd vermogen en winst voor belasting en interest – is ultimo 2021 uitgekomen op 2,07 (2020: 2,24). Met voornoemde ratio’s wordt ruimschoots voldaan aan de door de banken gestelde financieringsvereisten, zijnde een solvabiliteit van minimaal 25% en een ICR van minimaal 1,3.
Met een solvabiliteitsniveau van 38,6% voldoet Waterbedrijf Groningen ultimo 2021 tevens aan de vereisten van de Drinkwaterwet (maximale solvabiliteit van 70%).