
Resultaat 2025
Algemeen
De primaire taak van N.V. Waterbedrijf Groningen is het verzorgen van de drinkwatervoorziening in de provincie Groningen. Daarnaast worden door N.V. Waterbedrijf Groningen activiteiten verricht op het vlak van industriewaterlevering en afvalwaterzuivering, warmte en koude levering en waterkwaliteitscontrole en advisering. Genoemde activiteiten anders dan de primaire drinkwatervoorzieningen vinden plaats in verschillende samenwerkingsverbanden.
Vanuit risicobeheersing en bedrijfsvoering hechten wij veel belang aan een transparante scheiding van activiteiten. Dit betekent dat de activiteiten die binnen de verschillende vormen van samenwerking plaatsvinden, worden uitgevoerd door aparte juridische entiteiten. De bedrijfsmiddelen (assets) die nodig zijn voor deze werkzaamheden zijn in eigendom van en worden beheerd door deze verschillende entiteiten.
Door N.V. Waterbedrijf Groningen worden diensten verricht ten behoeve van de verschillende entiteiten. Deze dienstverlening is vastgelegd in onderlinge overeenkomsten, waarin ook afspraken zijn gemaakt over de tarieven waartegen onderling wordt afgerekend.
Resultaat 2025
Het resultaat is als volgt te specificeren (bedragen x € miljoen):
| 2022 | 2023 | 2024 | 2025 | |
| Opbrengsten | 64,4 | 73,2 | 80,4 | 92,3 |
| Bedrijfskosten | 62,7 | 68,7 | 73,2 | 78,0 |
| Bedrijfsresultaat | 1,7 | 4,5 | 7,1 | 14,3 |
| Financieel resultaat | -2,0 | -2,7 | -3,1 | -4,0 |
| Resultaat deelnemingen | -0,9 | -0,1 | -2,5 | 4,2 |
| Winstbelasting | -0,0 | -0,1 | -0,2 | -0,3 |
| Resultaat | -1,2 | 1,6 | 1,3 | 14,2 |
Het geconsolideerde bedrijfsresultaat over 2025 komt uit op € 14,3 miljoen (2024: € 7,1 miljoen). Het resultaat na belasting - exclusief resultaat uit deelnemingen - over 2025 is € 10 miljoen (2024: € 3,8 miljoen). Het resultaat uit deelnemingen bedraagt € 4,2 miljoen, tegenover een negatief resultaat in 2024 van € 2,5 miljoen. Het geconsolideerde resultaat over 2025 betrof een winst van € 14,2 miljoen dat is een stijging van € 12,9 miljoen ten opzichte van 2024 (€ 1,3 miljoen). Het positieve resultaat deelnemingen wordt onder meer veroorzaakt door de boekwinst vanwege de verkoop van het aandelenbelang in WarmteStad B.V. van € 4,1 miljoen. Het resultaat van deelneming North Water is met € 0,5 miljoen gedaald door hogere kapitaalslasten vanwege uitbreidingsinvesteringen die vooruitlopen op verwachte groei van klantenactiviteiten. Het resultaat van deelneming WLN is licht verbeterd ten opzichte van voorgaand jaar.
Bedrijfsopbrengsten
De totale bedrijfsopbrengsten in 2025 bedragen € 92,3 miljoen en zijn daarmee € 12 miljoen hoger dan het boekjaar 2024. De totale netto omzet drinkwaterlevering over 2025 bedraagt € 80,5 miljoen (2024: € 68,2 miljoen) en is als volgt te specificeren (in € miljoen):
| 2023 | 2024 | 2025 | ||
| Bemeterd kleinverbruik | 41,4 | 46,0 | 54,0 | |
| Onbemeterd kleinverbruik | 1,0 | 1,1 | 1,3 | |
| Capaciteits-/grootverbruik | 19,0 | 20,4 | 24,5 | |
| Overige (zusterbedrijven) | 0,5 | 0,7 | 0,7 | |
| Totaal | 61,9 | 68,2 | 80,5 |
De toename van de netto omzet drinkwater wordt hoofdzakelijk verklaard door een hoger drinkwatertarief. Bij het kleinverbruik was een marginale stijging in de afzet zichtbaar van circa 1% ten opzichte van 2024. Bij het capaciteits-/grootverbruik was de afzet eveneens licht hoger (1%) in vergelijking met 2024. Andere opbrengsten betreffen voornamelijk vergoedingen voor verrichte werkzaamheden voor derden, in rekening gebrachte kosten voor incasso en bijvoorbeeld vastrecht voor brandkranen en deze bedroegen in 2025 € 11,7 miljoen (2025: € 12,1 miljoen). De daling wordt met name veroorzaakt door minder werkzaamheden voor derden voor WarmteStad dankzij de ontvlechting van de deelneming en minder werkzaamheden voor North Water Afvalwater doordat in 2024 relatief veel werk werd verzet voor realisatie van de uitbreidingsinvesteringen in Delfzijl.
Bedrijfslasten
De bedrijfslasten over 2025 komen uit op € 78,1 miljoen en zijn daarmee ten opzichte van 2024 met € 4,8 miljoen gestegen. De kostenstijgingen zijn onder meer te zien bij de personeelskosten. Deze stegen met € 2,6 miljoen voornamelijk door geplande personeelsuitbreiding en een CAO-salarisstijging van 2,5%. De kosten voor uitbesteed werk stegen met € 1,5 miljoen door meer werkzaamheden voor ICT en onderhoud aan leidingwerk waaronder het verwijderen van hoofdleiding.
De kosten voor energie en chemicaliën zijn gedaald met € 0,2 miljoen ten opzichte van het kostenniveau in 2024. Dit wordt met name veroorzaakt door iets lagere tarieven voor zowel energie als chemicaliën.
De afschrijvingskosten zijn met €1,4 miljoen gestegen ten opzichte van 2024. Dit is het gevolg van de stijging van de investeringsuitgaven en de daadwerkelijke ingebruikname van gerealiseerde investeringen.
De overige posten binnen de bedrijfskosten zijn in 2025 € 0,5 miljoen lager in vergelijking met 2024. In 2025 konden meer kosten doorbelast worden aan derden in samenwerkingsprojecten. Verder waren dit jaar de dotaties aan voorzieningen voor debiteuren en verlofdagen € 0,2 miljoen lager in vergelijking met 2024.
Regulering rendement uit drinkwateractiviteiten
Op basis van de Drinkwaterwet zijn wij gehouden aan een maximale vermogensvergoeding over het eigen en vreemd vermogen – de zogenaamde WACC – voor drinkwateractiviteiten. Het wettelijk kader bepaalt hiermee de maximale opslag voor vermogenskosten (rente en winst) die drinkwaterbedrijven mogen hanteren bij de vaststelling van de drinkwatertarieven. Voor 2025 bedraagt de WACC norm 4,32%. Overschrijding van de WACC geeft de verplichting om de zogenaamde ‘overwinsten’ aan de drinkwaterklanten terug te geven. Waterbedrijf Groningen streeft maximalisatie van het resultaat na binnen de WACC-norm om daarmee te kunnen voldoen aan de groeiende financieringsbehoefte voor noodzakelijke investeringen. De definitief gerealiseerde WACC over 2025 wordt vastgesteld middels het Bedrijfsverslag dat voor 1 oktober 2026 aan de Minister van Infrastructuur en Milieu wordt gerapporteerd. Volgens de voorlopige berekening voor 2025 is de verwachting dat de WACC uit zal komen op 4,56%. Dit betekent een overschrijding van de norm van 0,24% (circa € 0,6 miljoen). Deze overschrijding zal bij de tariefbepaling voor 2027 weer verrekend worden in een lager drinkwatertarief.
Drinkwatertarieven
Tarieven 2025
In 2025 is de tariefstructuur op hoofdlijnen niet gewijzigd. Voor de levering van het drinkwater betaalt de klant een vastrecht waarvan de hoogte is gebaseerd op de leveringscapaciteit en voor het drinkwaterverbruik een uniform variabel tarief per afgenomen m3 .
Grondslag voor de tariefbepaling wordt gevormd door de wettelijke vereisten volgens de Drinkwaterwet inclusief onderliggende besluiten en regelingen en het door de aandeelhouders vastgestelde ‘Tarief- en margebeleid’. Voor 2025 heeft dit geresulteerd in een integraal drinkwatertarief voor huishouden bij een jaarverbruik van 100 m3 van € 1,98 per m3 exclusief belastingen (2024: € 1,69 per m3).
Toezicht drinkwatertarieven
De drinkwatertarieven moeten op transparante wijze tot stand komen, non-discriminatoir zijn en de relevante kosten voor drinkwatertaken dekken. Dit alles volgens de wettelijke kaders opgenomen in de Drinkwaterwet en onderliggende besluiten en regelingen. De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) is belast met het toezicht op de naleving van het wettelijk kader en laat zich hierbij adviseren door de Autoriteit Consument en markt (ACM). Naar aanleiding van haar controle heeft de ILT geconcludeerd dat Waterbedrijf Groningen op alle getoetste aspecten heeft voldaan aan de wettelijke vereisten.

Belastingen
Zowel Waterbedrijf Groningen Duurzaam B.V. alsook SamenWater B.V. zijn beide onderdeel van de fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting. Over 2025 bedraagt de belastinglast € 0,323 miljoen ten opzichte van een belastinglast in 2024 van € 0,215 miljoen. Zogenaamde actieve belastinglatenties worden slechts gewaardeerd voor zover de realisatie daarvan waarschijnlijk is. Ultimo 2025 bedraagt de actieve belastinglatentie € 0,2 miljoen.
Investeringen
De investeringsuitgaven in materiële vaste activa in 2025 bedragen € 43,2 miljoen tegenover € 49,8 miljoen in 2024. De investeringsuitgaven in 2025 liggen hoger dan het gemiddelde niveau over de periode 2020 – 2024. De gemiddelde investeringsuitgaven in deze periode bedroegen € 33,1 miljoen. De hogere investeringsuitgaven worden veroorzaakt door toename van investeringen in aanleg en reconstructie van hoofdleidingen (€ 28,2 miljoen) en vernieuwing van de productielocaties in onder meer Sellingen.
De investeringsuitgaven in materiële vaste activa in 2025 zijn als volgt te specificeren (in € miljoen):
| Aanleg en reconstructie hoofdleidingen | 28,2 |
| Aanleg nieuwe aansluitingen | 2,1 |
| Vernieuwing productielocatie Sellingen | 6,7 |
| Vernieuwing productielocatie Nietap | 1,1 |
| Investeringen productielocatie De Punt | 1,0 |
| Investeringen productielocatie De Groeve en Onnen | 1,0 |
| Verbouwingen en onderhoud overige gebouwen | 1,4 |
| Watermeters | 0,6 |
| Aanschaf auto's | 0,3 |
| Overig | 0,8 |
| Totaal | 43,2 |