Geconsolideerde grondslagen voor waardering en resultaatbepaling
Algemeen
N.V. Waterbedrijf Groningen levert drinkwater in de provincie Groningen en aan het Drentse Eelde en Paterswolde. Hiervoor gebruikt ze grond- en oppervlaktewater.
N.V. Waterbedrijf Groningen is een naamloze vennootschap naar Nederlands recht, statutair gevestigd in Nederland te Groningen, Griffeweg 99. De naamloze vennootschap is ingeschreven bij de Kamer van Koophandel onder nummer 02008621. De jaarrekening is opgesteld in overeenstemming met de wettelijke bepalingen van Titel 9 BW 2 en de in Nederland algemeen geldende grondslagen voor financiële verslaggeving en de bepalingen van en krachtens de Wet normering topinkomens (WNT). De jaarrekening is opgemaakt op 11 juni 2026.
Voor zover niet anders vermeld zijn de bedragen verantwoord in euro’s (functionele valuta). Bij het opstellen van de jaarrekening is uitgegaan van de continuïteitsveronderstelling.
Schattingen
Om de grondslagen en regels voor het opstellen van de jaarrekening te kunnen toepassen, is het nodig dat het bestuur van N.V. Waterbedrijf Groningen zich over verschillende zaken een oordeel vormt, en dat het bestuur schattingen maakt die essentieel kunnen zijn voor de in de jaarrekening opgenomen bedragen. Indien het voor het geven van het in artikel 2:362 lid 1 BW vereiste inzicht noodzakelijk is, is de aard van deze oordelen en schattingen inclusief de bijbehorende veronderstellingen opgenomen bij de toelichting op de betreffende jaarrekeningposten.
Toepassing van artikel 2:402 B.W
Aangezien de winst-en-verliesrekening over 2025 van N.V. Waterbedrijf Groningen in de geconsolideerde jaarrekening is verwerkt, is (in de enkelvoudige jaarrekening) volstaan met weergave van een beknopte winst- en-verliesrekening in overeenstemming met artikel 2:402 BW.
Grondslagen voor de consolidatie
Consolidatie
Geconsolideerd worden die ondernemingen waarin N.V. Waterbedrijf Groningen rechtstreeks of middellijk voor 50% of meer deelneemt in het geplaatste kapitaal en waar N.V. Waterbedrijf Groningen overheersende zeggenschap kan uitoefenen op het zakelijk en financieel beleid. Hierbij worden mede in aanmerking genomen de financiële instrumenten die potentiële stemrechten bevatten en direct kunnen worden uitgeoefend. Deelnemingen in joint ventures worden, gezien het ontbreken van overwegende zeggenschap, niet mee geconsolideerd. Ten aanzien van Waterlaboratorium Noord B.V., WarmteStad B.V. , WarmteCompagnie B.V. en North Water B.V. is geen sprake van overheersende zeggenschap, daarom zijn deze deelnemingen niet in de consolidatie betrokken.
Geconsolideerde maatschappijen
N.V. Waterbedrijf Groningen staat aan het hoofd van de groep. De geconsolideerde jaarrekening omvat de geconsolideerde financiële positie, resultaten en kasstromen 2025 van N.V. Waterbedrijf Groningen, SamenWater B.V en Waterbedrijf Groningen Duurzaam B.V.
SamenWater B.V. heeft als vestigingsplaats Groningen en heeft als belangrijkste activiteit het verrichten van activiteiten met enige relatie tot industrie- en proceswater, in de ruimste zin des woords. SamenWater B.V. heeft gedurende het boekjaar geen werknemers in dienst.
Waterbedrijf Groningen Duurzaam B.V. heeft als vestigingsplaats Groningen en heeft als belangrijkste activiteit het verzorgen, ontwikkelen en uitvoeren van activiteiten in relatie tot energie en water, alsmede het verrichten van al hetgeen met vorenstaande verband houdt of daartoe in de ruimste zin bevorderlijk kan zijn. Waterbedrijf Groningen Duurzaam B.V. heeft gedurende het boekjaar geen werknemers in dienst. De financiële gegevens van de geconsolideerde deelnemingen zijn integraal in de geconsolideerde jaarrekening opgenomen. Intercompany-transacties, intercompany-winsten en onderlinge vorderingen en schulden tussen groepsmaatschappijen worden geëlimineerd.
Niet geconsolideerde maatschappijen en kapitaalbelangen
Voor een overzicht van de niet geconsolideerde maatschappijen en kapitaalbelangen wordt verwezen naar de toelichting van de financiële vaste activa.
N.V. Waterbedrijf Groningen heeft geen aansprakelijkheidsstellingen overeenkomstig artikel 2:403 BW afgegeven.
Financiële instrumenten
Onder financiële instrumenten worden zowel primaire financiële instrumenten zoals vorderingen, effecten en schulden, als financiële derivaten verstaan.
Alle aan- en verkopen volgens standaard marktconventies van financiële activa worden opgenomen per transactiedatum, dat wil zeggen de datum waarop de groep de bindende overeenkomst aangaat.
De primaire financiële instrumenten van N.V. Waterbedrijf Groningen dienen ter financiering van de operationele activiteiten van de onderneming of vloeien direct uit deze activiteiten voort. Het beleid van N.V. Waterbedrijf Groningen is om niet te handelen in financiële instrumenten. Voor de grondslagen van de primaire financiële instrumenten wordt verwezen naar de behandeling per balanspost.
De reële waarde van de financiële instrumenten die op actieve markten worden verhandeld per de verslagdatum, wordt bepaald op basis van genoteerde beurskoersen, zonder aftrek van transactiekosten. Voor financiële instrumenten die niet op een actieve markt worden verhandeld, wordt de reële waarde bepaald met passende waarderingsmethoden.
In de balans opgenomen financiële instrumenten zijn gewaardeerd tegen de geamortiseerde kostprijs, normaal gesproken de nominale waarde, tenzij anders vermeld. Belangrijke afwijkingen tussen nominale waarde en reële waarde worden per post toegelicht.
Derivaten - Een in een contract besloten derivaat (‘embedded derivative’) wordt afgescheiden van het basiscontract indien aan onderstaande voorwaarden is voldaan:
- er bestaat geen nauw verband tussen de economische kenmerken en risico’s van het in het contract besloten derivaat en de economische kenmerken en risico’s van het basiscontract;
- een afzonderlijk instrument met dezelfde voorwaarden als het in het contract besloten derivaat zou aan de definitie van een derivaat; en
- het samengestelde instrument wordt niet tegen reële waarde gewaardeerd met verwerking van de waardeveranderingen in het resultaat.
Op basis van deze voorwaarden is geen sprake van in contracten besloten derivaten die afgescheiden dienen te worden van het betreffende basiscontract. Tevens is geen sprake van andersoortige derivaten. Op het moment van de eerste verantwoording worden derivaten onder de reikwijdte van RJ 290 gerubriceerd en gewaardeerd.
GRONDSLAGEN VOOR DE WAARDERING VAN ACTIVA EN PASSIVA
Algemeen
Een actief wordt in de balans opgenomen wanneer het waarschijnlijk is dat de toekomstige economische voordelen naar de onderneming zullen toevloeien en de waarde daarvan betrouwbaar kan worden vastgesteld. Een verplichting wordt in de balans opgenomen wanneer het waarschijnlijk is dat de afwikkeling daarvan gepaard zal gaan met een uitstroom van middelen en de omvang van het bedrag daarvan betrouwbaar kan worden vastgesteld.
Voor zover niet anders vermeld worden de activa en de passiva opgenomen tegen nominale waarde.
Immateriële vaste activa
Een immaterieel vast actief wordt in de balans opgenomen als:
- het waarschijnlijk is dat de toekomstige economische voordelen die een actief in zich bergt, zullen toekomen aan de groep; en
- de kosten van het actief betrouwbaar kunnen worden vastgesteld.
Uitgaven inzake een immaterieel vast actief die niet aan de voorwaarden voor activering voldoen worden rechtstreeks in de winst- en verliesrekening verantwoord.
De immateriële vaste activa die zijn verkregen bij de acquisitie van een groepsmaatschappij worden tegen de reële waarde op het verkrijgingsmoment opgenomen.
De immateriële vaste activa worden gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs of vervaardigingsprijs verminderd met de cumulatieve afschrijvingen en indien van toepassing cumulatieve bijzondere waardeverminderingsverliezen.
Het afschrijven van de immateriële vaste activa geschiedt stelselmatig op basis van de geschatte economische levensduur met een maximum van twintig jaar. De economische levensduur en afschrijvingsmethode worden aan het einde van ieder boekjaar opnieuw beoordeeld. Indien de geschatte economische levensduur langer is dan twintig jaar zal, vanaf het moment van verwerking aan het einde van elk boekjaar, een bijzondere waardeverminderingstest worden uitgevoerd.
Materiële vaste activa
De materiële vaste activa in eigen gebruik worden gewaardeerd tegen de kostprijs (verkrijgingsprijs of vervaardigingsprijs), minus eventuele investeringssubsidies, verminderd met de cumulatieve afschrijvingen en indien van toepassing cumulatieve bijzondere waardeverminderingsverliezen. In de verkrijgings- of vervaardigingsprijs zijn de door het eigen personeel bestede en in geld gewaardeerde arbeidsuren opgenomen. Er zijn geen rentekosten in de tegen de vervaardigingsprijs gewaardeerde materiële vaste activa opgenomen.
Indien de verwachting omtrent de afschrijvingsmethode, gebruiksduur en/of restwaarde in de loop van de tijd wijzigt, worden deze als een schattingswijziging verantwoord.
Mits activeringscriteria dat toelaten en sprake is van een afzonderlijke component groot onderhoud bij een bepaald actief, wordt deze component geactiveerd en afgeschreven. Een eventueel te vervangen bestandsdeel wordt gedesinvesteerd en ineens ten laste van de winst-en-verliesrekening gebracht.
Indien voor een materieel vast actief sprake is van kosten die samenhangen met verplichtingen inzake ontmanteling en verwijdering van het actief en het herstel van het terrein waar het actief zich bevindt en deze verplichting wordt veroorzaakt door het neerzetten van het actief, worden deze kosten van herstel opgenomen als onderdeel van de boekwaarde van het actief, en gelijktijdig wordt een voorziening opgenomen voor hetzelfde bedrag.
Buiten gebruik gestelde materiële vaste activa worden gewaardeerd tegen de kostprijs dan wel de lagere opbrengstwaarde.
Een materieel vast actief wordt niet langer in de balans opgenomen na vervreemding of wanneer geen toekomstige prestatie-eenheden van het gebruik of de vervreemding worden verwacht. De bate of last die voortvloeit uit de desinvestering wordt in de winsten verliesrekening verwerkt.
Financiële vaste activa
Deelnemingen
Deelnemingen waar N.V. Waterbedrijf Groningen invloed van betekenis uit kan oefenen op het financiële en zakelijke beleid, worden gewaardeerd tegen netto vermogenswaarde. Overige deelnemingen worden gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs. Indien sprake is van een duurzame waardevermindering vindt waardering plaats tegen deze lagere waarde; afwaardering vindt plaats ten laste van de winst- en verliesrekening. De onder de post financiële vaste activa opgenomen vorderingen op niet-groepsmaatschappijen worden gewaardeerd tegen de nominale waarde, onder aftrek van een voorziening wegens oninbaarheid.
Indien de waarde van de deelneming volgens de vermogensmutatiemethode nihil is geworden, wordt deze methode niet langer toegepast en blijft de deelneming bij ongewijzigde omstandigheden op nihil gewaardeerd. Hierbij worden andere belangen in de deelneming die feitelijk worden aangemerkt als een onderdeel van de netto-investering, ook meegenomen. Indien en voor zover geheel of ten dele voor de schulden van de deelneming wordt ingestaan respectievelijk een feitelijke verplichting bestaat de deelneming tot betaling van haar schulden in staat te stellen, wordt een voorziening opgenomen
Latente belastingvorderingen
De latente belastingvordering uit hoofde van verschillen tussen de fiscale en commerciele waarde van activa is gewaardeerd tegen het nominale belastingtarief wat in het boekjaar van toepassing is.
Voorraden
De voorraden zijn gewaardeerd tegen inkoopprijs en zo nodig afgewaardeerd naar lagere opbrengstwaarde onder aftrek van een voorziening voor incourantheid indien van toepassing.
Vorderingen
Vorderingen worden bij eerste verwerking gewaardeerd tegen de reële waarde van de tegenprestatie, inclusief de transactiekosten indien materieel. Vorderingen worden na eerste verwerking gewaardeerd tegen de geamortiseerde kostprijs. Voorzieningen wegens oninbaarheid worden in mindering gebracht op de boekwaarde van de vordering.
Liquide middelen
Onder liquide middelen worden verstaan kasmiddelen, de tegoeden op bankrekeningen en wissels en cheques. Deposito’s worden onder liquide middelen opgenomen indien zij in feite -zij het eventueel met opoffering van rentebaten- ter onmiddellijke beschikking staan. Liquide middelen die (naar verwachting) langer dan twaalf maanden niet ter beschikking staan van de groep, worden als financiële vaste activa gerubriceerd.
Bijdragen van derden
De bijdragen van derden worden gewaardeerd tegen de nominaal van derden ontvangen bijdragen van de in gebruik genomen aangelegde hoofd- en aansluitingleidingen verminderd met de amortisaties. De amortisatie van deze bijdragen vindt plaats in 30 respectievelijk 20 jaar, conform de afschrijvingstermijn van de investeringen in hoofd- en aansluitleidingen. Amortisatie start in het jaar van ingebruikname van de bijbehorende leiding. De jaarlijkse amortisatie wordt verantwoord onder de afschrijvingen.
Voorzieningen
Algemeen
Een voorziening wordt gevormd indien de groep op balansdatum een in rechte afdwingbare of feitelijke verplichting heeft waarvan het waarschijnlijk is dat voor de afwikkeling een uitstroom van middelen noodzakelijk is en waarvan de omvang betrouwbaar is te schatten. De omvang van de voorziening wordt bepaald door de beste schatting van de bedragen die noodzakelijk zijn om de desbetreffende verplichtingen en verliezen per balansdatum af te wikkelen. De voorziening uitgestelde beloningen personeel is gewaardeerd tegen de contante waarde van de toekomstige betalingsverplichtingen, waarbij rekening is gehouden met de verwachte salarisstijgingen en tussentijdse uitstroom uit de organisatie. Tenzij anders vermeld, worden de overige voorzieningen gewaardeerd tegen nominale waarde.
Indien het waarschijnlijk is dat voor uitgaven die noodzakelijk zijn om een voorziening af te wikkelen een vergoeding van een derde zal worden ontvangen, wordt deze vergoeding gepresenteerd als een afzonderlijk actief.
Langlopende schulden
Dit zijn de schulden met een resterende looptijd van meer dan één jaar en zijn gewaardeerd tegen de nominale waarde. De aflossingsverplichtingen voor het komende boekjaar op langlopende leningen zijn gepresenteerd onder de kortlopende schulden
Kortlopende schulden
Dit zijn de schulden met een resterende looptijd van minder dan één jaar en zijn gewaardeerd tegen de nominale waarde.
Niet langer in de balans opnemen van financiele activa en verplichtingen
Een financieel instrument wordt niet langer in de balans opgenomen indien een transactie er toe leidt dat alle of nagenoeg alle rechten op economische voordelen en alle of nagenoeg alle risico’s met betrekking tot de positie aan een derde zijn overgedragen. Leasing De beoordeling of een overeenkomst een lease bevat, vindt plaats op grond van de economische realiteit op het tijdstip van het aangaan van het contract. Het contract wordt aangemerkt als een leaseovereenkomst als de nakoming van de overeenkomst afhankelijk is van het gebruik van een specifiek actief of de overeenkomst het recht van het gebruik van een specifiek actief omvat. In geval van operationele leasing worden de leasebetalingen lineair over de leaseperiode ten laste van de winst- en verliesrekening gebracht.
GRONDSLAGEN VOOR DE BEPALING VAN HET RESULTAAT
Algemeen
Verantwoording van opbrengsten en kosten vindt plaats op het tijdstip waarop de desbetreffende leveringen plaatsvinden of diensten worden verricht. (Voorzienbare) verplichtingen en mogelijke verliezen die hun oorsprong vinden voor het einde van het boekjaar worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden en overigens wordt voldaan aan de voorwaarden voor het opnemen van voorzieningen.
Opbrengstverantwoording
Algemeen
De netto-omzet omvat het vastrecht en het gefactureerde waterverbruik (Waterbedrijf) en de gefactureerde warmtelevering (Waterbedrijf Groningen Duurzaam). Voor het bemeterde kleinverbruik en het capaciteitsverbruik omvat het waterverbruik het verbruik tot aan de laatste op namedatum van de watermeters. Indien geen opname gegevens zijn verkregen is op basis van een schatting van het waterverbruik over het boekjaar afgerekend. Eventuele verschillen tussen de schatting en werkelijk verbruik worden verantwoord in het jaar dat het werkelijke waterverbruik op basis van verkregen meterstanden wordt afgerekend. Tevens omvat de netto-omzet diverse opbrengstenstromen die voortvloeien uit de reguliere activiteiten van het Waterbedrijf zoals inkomsten uit vergoedingen verrichte werkzaamheden voor derden, administratieve vergoedingen voor incasso en bijvoorbeeld (her)aansluitingen en inkomsten uit huur en pacht.
Verlenen van diensten
Verantwoording van opbrengsten uit de levering van diensten geschiedt naar rato van de geleverde prestaties, gebaseerd op de verrichte diensten tot aan de balansdatum in verhouding tot de in totaal te verrichten diensten.
Projectopbrengsten en projectkosten
Voor onderhanden projecten, waarvan het resultaat op betrouwbare wijze kan worden bepaald, worden de projectopbrengsten en de projectkosten verwerkt als netto-omzet en kosten in de winst- en verliesrekening naar rato van de verrichte prestaties per balansdatum (de 'Percentage of Completion'-methode, ofwel de PoC- methode).
De voortgang van de verrichte prestaties wordt bepaald op basis van de tot de balansdatum gemaakte projectkosten in verhouding tot de geschatte totale projectkosten. Als het resultaat (nog) niet op betrouwbare wijze kan worden ingeschat, dan worden de opbrengsten als netto-omzet verwerkt in de winst- en verliesrekening tot het bedrag van de gemaakte projectkosten dat waarschijnlijk kan worden verhaald; de projectkosten worden dan verwerkt in de winst-en-verliesrekening in de periode waarin ze zijn gemaakt. Zodra het resultaat wel op betrouwbare wijze kan worden bepaald, vindt opbrengstverantwoording plaats volgens de PoC-methode naar rato van de verrichte prestaties per balansdatum. Het resultaat wordt bepaald als het verschil tussen de projectopbrengsten en projectkosten.
Projectopbrengsten zijn de contractueel overeengekomen opbrengsten en opbrengsten uit hoofde van meer- en minderwerk, claims en vergoedingen indien en voor zover het waarschijnlijk is dat deze worden gerealiseerd en ze betrouwbaar kunnen worden bepaald. Projectkosten zijn de direct op het project betrekking hebbende kosten, die in het algemeen aan projectactiviteiten worden toegerekend en toegewezen kunnen worden aan het project, en andere kosten die contractueel aan de opdrachtgever kunnen worden toegerekend.
Indien het waarschijnlijk is dat de totale projectkosten de totale projectopbrengsten overschrijden, dan worden de verwachte verliezen onmiddellijk in de winst- en verliesrekening verwerkt. Dit verlies wordt verwerkt in de kostprijs van de omzet.
De voorziening voor het verlies maakt deel uit van de post onderhanden projecten op de balans.
Overige bedrijfsopbrengsten
Onder overige bedrijfsopbrengsten worden opbrensgten verantwoord die niet rechtstreeks samenhangen met de levering van goederen of diensten in het kader van de normale, niet-incidentele bedrijfsactiviteiten. De overige bedrijfsopbrengsten bestaan uit voornamelijk uit boekwinsten vanuit verkoop van activa.
Kosten
De kosten worden bepaald met inachtneming van de hiervoor reeds vermelde grondslagen van waardering en toegerekend aan het verslagjaar waarop zij betrekking hebben.
Waterinkopen, energie, chemicaliën
De kosten van grond- en hulpstoffen omvatten de kostprijs van de grond- en hulpstoffen die gebruikt zijn bij de productie. De kostprijs bestaat uit de inkoopprijs en eventuele bijkomende kosten.
Kosten van uitbesteed werk
De kosten van uitbesteed werk en andere externe kosten omvatten de kosten die door derden in rekening zijn gebracht in het kader van de uitbesteding of ondersteuning van de werkzaamheden. Deze kosten bestaan uit de inkoopprijs en eventuele bijkomende kosten.
Pensioenen
N.V. Waterbedrijf Groningen heeft de pensioenen voor haar medewerkers ondergebracht bij het stichting Pensioenfonds ABP. Aan het personeel is een pensioen toegezegd op basis van een middelloonregeling. De betaalde premies worden als salariskosten in de resultatenrekening verantwoord. Vooruitbetaalde premies worden opgenomen als overlopende activa indien dit tot een terugstorting leidt of tot een vermindering van toekomstige betalingen. Nog niet betaalde premies worden als verplichting op de balans opgenomen.
Afschrijvingen
Immateriële vaste activa inclusief goodwill en materiële vaste activa worden vanaf ingebruikname afgeschreven over de verwachte toekomstige gebruiksduur van het actief. Over terreinen wordt niet afgeschreven.
Indien een schattingswijziging plaatsvindt van de toekomstige gebruiksduur, dan worden de toekomstige afschrijvingen aangepast.
De afschrijvingstermijnen van de materiële vaste activa zijn gebaseerd op de verwachte economische levensduur, waarbij de activa lineair worden afschreven rekening houdende met een restwaarde.
Overheidssubsidies en overheidsheffingen
Exploitatiesubsidies worden als bate verantwoord in de winst- en verliesrekening in het jaar waarin de gesubsidieerde kosten zijn gemaakt of opbrengsten zijn gederfd, of wanneer een gesubsidieerd exploitatietekort zich heeft voorgedaan. De baten worden verantwoord als het waarschijnlijk is dat deze worden ontvangen.
Subsidies met betrekking tot investeringen in materiële vaste activa worden in mindering gebracht op het desbetreffende actief en als onderdeel van de afschrijvingen verwerkt in de winst-en-verliesrekening.
Investeringssubsidies die geen betrekking hebben op investeringen in materiële vaste activa worden als vooruitontvangen bedrag onder de overlopende passiva opgenomen, afhankelijk van de looptijd onder langlopend, dan wel onder de kortlopende schulden. Jaarlijks valt een gedeelte vrij met inachtneming van de wijze waarop de besteding waarvoor de subsidie is verleend zelf in de jaarrekening wordt verwerkt.
Overheidsheffingen worden ten laste van het resultaat gebracht op het moment dat aan alle voorwaarden voor de overheidsheffing is voldaan
Financiële baten en lasten
Rentebaten en rentelasten
Rentebaten en rentelasten worden tijdsevenredig verwerkt, rekening houdend met de effectieve rentevoet van de desbetreffende activa en passiva. Bij de verwerking van de rentelasten wordt rekening gehouden met de verantwoorde transactiekosten op de ontvangen leningen.
Dividenden
Te ontvangen dividenden van niet op nettovermogenswaarde gewaardeerde deelnemingen en effecten, worden verantwoord zodra N.V. Waterbedrijf Groningen het recht hierop heeft verkregen.
Belastingen
Sinds 1 januari 2016 zijn N.V. Waterbedrijf Groningen, SamenWater B.V. en Waterbedrijf Groningen Duurzaam B.V. onderworpen aan de heffing van vennootschapsbelasting op grond van de Wet modernisering Vpb-plicht overheidsondernemingen. De heffing van vennootschapsbelasting geldt alleen voor de niet- wettelijke activiteiten.
N.V. Waterbedrijf Groningen maakt samen met SamenWater B.V. en Waterbedrijf Groningen Duurzaam B.V. sinds 1 januari 2016 deel uit van een fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting. N.V. Waterbedrijf Groningen draagt de gehele acute vennootschapsbelasting (RJ 272.803-d). Daarnaast neemt N.V. Waterbedrijf Groningen zowel de eigen latente belastingposities als de eventueel aanwezige latente belastingposities van SamenWater B.V. op in de jaarrekening (RJ 272.806-a).
De vennootschapsbelasting wordt berekend tegen het geldende tarief over het resultaat van het boekjaar, waarbij rekening wordt gehouden met permanente verschillen tussen de winstberekening volgens de jaarrekening en de fiscale winstberekening, en waarbij actieve belastinglatenties (indien van toepassing) slechts worden gewaardeerd voor zover de realisatie daarvan waarschijnlijk is.
Fiscale resultaten binnen de fiscale eenheid worden zoveel als mogelijk toegerekend op basis van de fiscale posities van de entiteiten die onderdeel uitmaken van de fiscale eenheid.
(Latente) belastingvorderingen en verplichtingen worden gewaardeerd in overeenstemming met de (voorgenomen) fiscale aangifte, tenzij het niet waarschijnlijk is dat de fiscale autoriteiten hiermee zullen instemmen. Alsdan wordt de waardering van de onzekere belastingpositie gebaseerd op de beste schatting van het afwijkende belastingbedrag ten opzichte van de (voorgenomen) aangifte.
Resultaat deelnemingen
Het resultaat is het bedrag waarmee de boekwaarde van de deelneming sinds de voorafgaande jaarrekening is gewijzigd als gevolg van het door de deelneming behaalde resultaat voor zover dit aan N.V. Waterbedrijf Groningen wordt toegerekend.
GRONDSLAGEN VOOR DE OPSTELLING VAN HET GECONSOLIDEERD KASSTROOMOVERZICHT
Het kasstroomoverzicht is opgesteld volgens de indirecte methode.
De geldmiddelen in het kasstroomoverzicht bestaan uit de liquide middelen en het kortlopend bankkrediet.
Kasstromen in vreemde valuta zijn omgerekend tegen een geschatte gemiddelde koers. Koersverschillen inzake geldmiddelen worden afzonderlijk in het kasstroomoverzicht getoond.
Ontvangsten en uitgaven uit hoofde van interest, ontvangen dividenden en winstbelastingen zijn opgenomen onder de kasstroom uit operationele activiteiten. Betaalde dividenden zijn opgenomen onder de kasstroom uit financieringsactiviteiten.
De verkrijgingsprijs van verworven groepsmaatschappijen en de verkoopprijs van verkochte groepsmaatschappijen worden opgenomen onder de kasstroom uit investeringsactiviteiten, voor zover betaling in geld heeft plaatsgevonden. De in deze groepsmaatschappijen aanwezige geldmiddelen zijn op de aankoopprijs respectievelijk de verkoopprijs in aftrek gebracht.
Transacties waarbij geen ruil van kasmiddelen plaatsvindt worden niet in het kasstroomoverzicht opgenomen.