Spring naar inhoud

Toelichting op de geconsolideerde balans per 31 december 2025

ACTIVA

VASTE ACTIVA

1. Immateriële vaste activa

  31-12-2025 31-12-2024
  x € 1.000 x € 1.000
     
Kantoorsoftware 1.502  2.429 
Werken in uitvoering 1.373  378 
  2.875  2.807 
Verloop Kantoorsoftware Werken in uitvoering Totaal
Stand per 1 januari 2025      
Aanschafwaarde 4.741  378  5.119 
Cumulatieve afschrijvingen en overige waardeverminderingen (2.313)  -  (2.313)
Boekwaarde per 1 januari 2025 2.428  378  2.806 
       
Mutaties      
Investeringen  -  768  768 
Herclassificaties  -  227  227 
Afschrijvingen  -926   -  (926)
Mutaties boekjaar 2025 (926) 995  69 
       
Boekwaarde per 31 december 2025      
Verkrijgingsprijs 4.741  1.373  6.114 
Cumulatieve afschrijvingen en overige waardeverminderingen (3.239) - (3.239)
Boekwaarde per 31 december 2025 1.502  1.373  2.875 

De investeringen kunnen als volgt verbijzonderd worden: (bedragen x € 1.000)

  2025 Voor 2025 uit werken in uitvoering Totaal
Werken in uitvoering 768   -  768 
  768   -  768 

De immateriële vaste activa hebben een geschatte economische levensduur van 5 jaar. Gedurende de economische levensduur worden de immateriële vaste activa naar tijdsgelang lineair afgeschreven. De afschrijvingen worden onder de post afschrijvingen immateriële vaste activa in de geconsolideerde winst-en- verliesrekening verantwoord. De werken in uitvoering hebben betrekking op kantoorsoftware dat in ontwikkeling is.

2. Materiële vaste activa

  31-12-2025 31-12-2024
  x € 1.000 x € 1.000
     
Bedrijfsgebouwen en -terreinen 38.111  33.999 
Installaties productie 40.108  39.841 
Distributieleidingen en installaties 188.773  143.680 
Overige duurzame activa 3.267  3.617 
Werken in uitvoering 37.944  59.827 
  308.203  280.964 
Verloop Bedrijfsgebouwen en - terreinen Installaties productie Distributie- leidingen en installaties Overige duurzame activa Werken in uitvoering Totaal
  x € 1.000 x € 1.000 x € 1.000 x € 1.000 x € 1.000 x € 1.000
Boekwaarde per 1 januari 2025            
Aanschaffingswaarde 70.047  85.102  323.544  6.932  59.826  545.451 
Cumulatieve afschrijvingen en waardeverminderingen (36.048) (45.261) (179.864) (3.316) - (264.489)
  33.999  39.841  143.680  3.616  59.826  280.962 
             
Mutaties            
Investeringen 6.185  3.658  54.377  555  (21.537) 43.238 
Desinvesteringen (271) (445) (1.139) (285) - (2.140)
Afschrijving desinvesteringen 271  445  1.139  275  - 2.130 
Afschrijvingen (2.073) (3.391) (9.284) (895) - (15.643)
Overige mutaties - - - - (119) (119)
Herclassificaties - - - - (227) (227)
  4.112  267  45.093  (350) (21.883) 27.239 
Boekwaarde per 31 december 2025            
Aanschaffingswaarde 75.961  88.315  376.782  7.202  38.062  586.322 
Cumulatieve afschrijvingen en waardeverminderingen (37.850) (48.207) (188.009) (3.935) (119) (278.120)
Boekwaarde per 31 december 2025 38.111  40.108  188.773  3.267  37.943  308.202 

De investeringen kunnen als volgt verbijzonderd worden: (bedrag x €1.000)

  2025 voor 2025 uit werken in uitvoering Totaal
Bedrijfsgebouwen en terreinen 1.227  4.958  6.185 
Installaties productie 1.212  2.446  3.658 
Distributieleidingen en installaties 17.605  36.773  54.378 
Overige duurzame activa 511  43  554 
Werken in uitvoering 22.684  (44.220) (21.536)
Totaal 43.239  - 43.239 

De economische levensduur in jaren voor de belangrijkste categorieën zijn als volgt vastgesteld: bedrijfsgebouwen en hoofdleidingen 30 jaar; waterwinputten, aansluitleidingen, machines en installaties 20 jaar; telecommunicatie 15 jaar en overige 5 - 10 jaar. Voor alle categorieën geldt dat lineair wordt afgeschreven. Op terreinen wordt niet afgeschreven.

3. Financiële vaste activa

  31-12-2025 31-12-2024
  x € 1.000 x € 1.000
     
Overige deelnemingen 25.675  31.446 
Leningen 345  440 
Overige vorderingen 247  226 
  26.267  32.112 
Verloop Stand per 1 januari 2025 Aandeel in het resultaat Investeringen en desinvesteringen Stand per 31 december 2025
  x € 1.000 x € 1.000 x € 1.000 x € 1.000
         
Waterlaboratorium Noord B.V. (50%) 792  161  - 953 
Aqua Minerals B.V. (2,3%) 19  - - 19 
KWH Water B.V. (3,15%) 48  - - 48 
North Water B.V. (50%) 23.753  900  - 24.653 
Warmtestad B.V. (50%) 6.832  (3.906) (2.926) -
WarmteCompagnie B.V. (20%) - -
  31.446  (2.845) (2.926) 25.675 

De deelneming North Water B.V. bestaat voor € 329 uit een ongerealiseerde winst in verband met de verkoop van activa SamenWater B.V. aan North Water B.V.

N.V. Waterbedrijf Groningen had via haar deelneming Waterbedrijf Groningen Duurzaam B.V. 50% van de aandelen van WarmteStad B.V. in handen. Deze aandelen zijn op 28 oktober 2025 verkocht en overgedragen aan de gemeente Groningen. Het resultaat van WarmteStad voor 2025 is tot het moment van verkoop verwerkt onder het resultaat deelnemingen.

In 2024 heeft deelneming Waterbedrijf Groningen Duurzaam B.V. een 20% belang verkregen in WarmteCompagnie B.V. door storting van € 2 in het aandelenkapitaal. De overige aandelen zijn in het bezit van gemeente Midden-Groningen. Deze vennootschap heeft tot doel om een warmtenet in Hoogezand te ontwikkelen. Financiering van de ontwikkeling van dit warmtenet zal plaatsvinden via subsidies en vreemd vermogen financiering. Het Waterbedrijf of haar deelnemingen zal hiervoor geen aanvullende financiering verstrekken.

Leningen

  31-12-2025 31-12-2024
  x € 1.000 x € 1.000
     
Waterlaboratorium Noord B.V. 345 440
Verloop Stand per 1 januari 2025 Af Stand per 31 december 2025
  x € 1.000 x € 1.000 x € 1.000
       
Waterlaboratorium Noord B.V. 440  (95) 345 

De lening aan Waterlaboratorium Noord B.V. heeft vanaf 2016 een looptijd van 10 jaar met een jaarlijkse aflossing van € 70. Op deze lening is een rentepercentage van 2,9% van toepassing. In 2021 is er een lening van € 250 met een looptijd van 10 jaar verstrekt tegen een rentepercentage van 2,4% met een jaarlijkse aflossing van € 25. In december 2023 is een nieuwe lening van € 275 verstrekt met een looptijd van 10 jaar tegen een rentepercentage van 5,5%. Als zekerheid voor deze leningen rust er een pandrecht op niet-registergoederen. Op één lening (uit 2023) heeft de jaarlijkse aflossing ad € 27,5 vlak na einde van het boekjaar plaatsgevonden.

overige vorderingen

  31-12-2025 31-12-2024
  x € 1.000 x € 1.000
     
Latente belastingvorderingen 247 226
Verloop Stand per 1 januari 2025 Af Stand per 31 december 2025
  x € 1.000 x € 1.000 x € 1.000
       
Latente belastingvorderingen 226  21  247 

Vlottende activa

4. Voorraden

Grond- en hulpstoffen

  31-12-2025 31-12-2024
  x € 1.000 x € 1.000
     
Grond- en hulpstoffen  1.391   1.316 

Deze voorraden betreffen materialen en gereedschappen voor installatie en onderhoud van de materiële vaste activa. In de post voorraden is een voorziening voor incourantheid van € 112 (2024: € 103) opgenomen.

5. Vorderingen

  31-12-2025 31-12-2024
  x € 1.000 x € 1.000
     
Waterdebiteuren 5.361  4.633 
Overige debiteuren 3.038  2.926 
Vorderingen op overige verbonden maatschappijen 681  825 
Belastingen en premies sociale verzekeringen 1.585  1.786 
Overige vorderingen en overlopende activa 3.773  3.203 
  14.438  13.373 

De vorderingen op waterdebiteuren betreft de reeds aan de klanten verstuurde afrekeningen, verrekend met de in rekening gebrachte voorschotten. Ten aanzien van de vorderingen op waterdebiteuren is ultimo boekjaar een voorziening voor oninbaarheid van € 805 (2024: €841) gevormd. Ten aanzien van de vorderingen op overige debiteuren is ultimo boekjaar een voorziening van € 48 (2024: €3) gevormd.

Vorderingen op overige verbonden maatschappijen

  31-12-2025 31-12-2024
  x € 1.000 x € 1.000
Vorderingen op overige verbonden maatschappijen    
Waterlaboratorium Noord B.V. 52  81 
WarmteStad B.V. - 118 
WKO Europapark B.V. - 10 
North Water B.V. 529  94 
North Water Afvalwaterzuivering B.V. 101  416 
Warmtenet Noordwest B.V. - 53 
NDEA B.V. - 19 
Warmtetransport Noordwest B.V. (1) 34 
  681  825 

Belastingen en premies sociale verzekeringen

  31-12-2025 31-12-2024
  x € 1.000 x € 1.000
     
Vennootschapsbelasting - 15 
Omzetbelasting 1.520  1.682 
Grondwaterbelasting 65  89 
  1.585  1.786 

Overige vorderingen en overlopende activa

  31-12-2025 31-12-2024
  x € 1.000 x € 1.000
     
     
Overige vorderingen 3.773  3.203 
  3.773  3.203 

Onder de overzicht vorderingen opgenomen ad € 3.138 (2024: € 2.368) op Nationaal Coordinator Groningen in verband met schadecompensatie van onder handen zijnde reconstructies in verband met verstevigingsoperaties vanwege aardbevingsschade.

6. Liquide middelen

  31-12-2025 31-12-2024
  x € 1.000 x € 1.000
     
BNG 179  2.439 
ING Bank N.V. 722  894 
Kas
  902  3.340 

De liquide middelen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. De per 31 december 2025 aanwezige liquide middelen staan de onderneming ter vrije beschikking. Voor een verder toelichting wordt ook verwezen naar de toelichting op de kortlopende schulden aan kredietinstellingen.

PASSIVA

7. Groepsvermogen

Voor een toelichting op het groepsvermogen verwijzen wij u naar de toelichting op het eigen vermogen van de enkelvoudige balans op pagina 99 van dit rapport.

8. Bijdragen van derden

  31-12-2025 31-12-2024
  x € 1.000 x € 1.000
     
Bijdragen van derden 41.036 38.017

Hieronder worden begrepen de toegevoegde bijdragen van derden in de aanleg van hoofd- en aansluitleidingen. De jaarlijkse amortisatie wordt verantwoord onder de afschrijvingen.

  Bijdragen van derden
  x € 1.000
   
Stand per 1 januari 2025 38.017 
Toevoegingen 5.875 
Amortisatie (2.856)
Langlopend deel per 31 december 2025 41.036 

9. Voorzieningen

  31-12-2025 31-12-2024
  x € 1.000 x € 1.000
     
Latente belastingverplichtingen - 10 
Overige voorzieningen 10  185 
  10  195 

Latente belastingverplichtingen

Deze voorziening heeft betrekking op de tijdelijke verschillen tussen de waardering in de jaarrekening en de fiscale waardering van activa en passiva. De voorziening is berekend naar het geldende belastingtarief. Specifiek heeft deze voorziening betrekking op het verschil tussen de fiscale en commerciële waardering van de langlopende schulden. Er is sprake van een agio op de lening aangezien de fiscale waarde volgens de fiscale openingsbalans hoger was dan de nominale boekwaarde op dat moment. Dit verschil is toegerekend aan de resterende looptijd van de lening en op basis van schuldallocatie toegerekend aan belaste activiteiten tegen de van toepassing zijnde tarieven voor de vennootschapsbelasting.

Overige voorzieningen

Verloop Stand per 1 januari 2025 Dotatie / vrijval Onttrekking Stand per 31 december 2025
  x € 1.000 x € 1.000 x € 1.000 x € 1.000
         
Uitgestelde beloning personeel 21  (12) 10 
  21  (12) 10 

10. Langlopende schulden

  31-12-2025 31-12-2024
  x € 1.000 x € 1.000
     
Schulden aan kredietinstellingen 148.478  160.017 
Verloop 2025 2024
  x € 1.000 x € 1.000
     
Stand per 1 januari 160.017  116.556 
Opgenomen gelden - 55.000 
Aflossingsverplichting komend boekjaar (11.539) (11.539)
Langlopend deel per 31 december 148.478  160.017 

Voor bovenstaande leningen geldt een door kredietinstellingen vereiste solvabiliteit van 25% en een ICR variërend van minimaal 1,0 tot 1,3 en er zijn geen andere specifieke voorwaarden overeengekomen of zekerheden gesteld.

De leningen zijn hieronder als volgt gespecificeerd ( x € 1.000):

Leningen ultimo 2025 met een looptijd van twee jaar en langer,
gegroepeerd naar resterende looptijd en de van toepassing zijnde rentepercentages:

Percentages langlopende leningen 2-5 jaar 6-10 jaar > 10 jaar Totaal
< 1,0% 14.600  18.250  18.350  51.200 
1,0% - < 4,0% 28.000  28.000  33.500  89.500 
> 4,0% 7.778  - - 7.778 
  50.378  46.250  51.850  148.478 

11. Kortlopende schulden

  31-12-2025 31-12-2024
  x € 1.000 x € 1.000
     
Schulden aan kredietinstellingen 16.036  -
Aflossingsverplichtingen langlopende schulden 11.539  11.539 
Schulden aan leveranciers en handelskredieten 10.112  12.519 
Schulden aan overige verbonden maatschappijen 344  109 
Belastingen en premies sociale verzekeringen 2.106  1.651 
Overige schulden 9.306  9.870 
Overlopende passiva 10.309  9.412 
  59.752  45.100 

De kortlopende schulden hebben een resterende looptijd korter dan een jaar. Deze kortlopende schulden aan kredietinstellingen kunnen als volgt worden gespecificeerd:

Schulden aan kredietinstellingen

  31-12-2025 31-12-2024
  x € 1.000 x € 1.000
     
BNG 16.036   - 

Eind 2025 werd nog beperkt gebruik gemaakt van een rekeningcourant faciliteit (€ 6.031) waar geen zekerheden voor wordt gesteld. Het gebruik van rekening-courant faciliteiten (in samenhang met de beschikbaarheid van geldmiddelen) wordt beperkt door de verplichtingen voortvloeiende uit de ‘Regeling kasgeldleningen van werknemers aan het bedrijf van de werkgever’, zoals verantwoord onder de overige schulden. Per 31 december 2025 werd aanvullend gebruik gemaakt van een kasgeldlening van € 10.000 tegen een rente van 2,406 % met einddatum 12 januari 2026.

Schulden aan overige verbonden maatschappijen

  31-12-2025 31-12-2024
  x € 1.000 x € 1.000
     
WarmteStad B.V. - 25 
Aqua Minerals B.V. 344  66 
KWR Watercycle Research Institute - 18 
  344  109 

Belastingen en premies sociale verzekeringen

  31-12-2025 31-12-2024
  x € 1.000 x € 1.000
     
Vennootschapsbelasting 146  -
Omzetbelasting
Loonheffing 1.600  1.303 
Pensioenen 289  270 
Grondwaterbelasting 63  70 
  2.106  1.651 

Overige schulden en overlopende passiva

  31-12-2025 31-12-2024
  x € 1.000 x € 1.000
     
Overige schulden 9.306  9.870 
Overlopende passiva 10.309  9.412 
  19.615  19.282 

Overige schulden

  31-12-2025 31-12-2024
  x € 1.000 x € 1.000
     
Regeling kasgeldleningen van werknemers aan het bedrijf van de werkgever 2.513  2.533 
Nog te betalen rente leningen kredietinstellingen 1.515  1.713 
Overige schulden 5.278  5.624 
  9.306  9.870 

De overige schulden bestaan hoofdzakelijk uit verschuldigde bedragen van in rekening gebrachte voorschotten voor waterverbruik ad €4.749 (2024: € 5.226).

Overlopende passiva

  31-12-2025 31-12-2024
  x € 1.000 x € 1.000
     
Verlofdagen personeel 7.541  6.871 
Overlopende passiva inzake onderhanden projecten 2.696  2.458 
Overlopende passiva 72  83 
  10.309  9.412 

NIET IN DE BALANS OPGENOMEN VORDERINGEN EN VERPLICHTINGEN

Niet verwerkte vorderingen en verplichtingen

(bedragen x € 1.000)

Er vinden versterkingsoperaties plaats in diverse gemeente als gevolg van de aarbevingsschade. Daarbij is het Waterbedrijf genoodzaakt bestaande waterleidingen te reconstrueren. Het Waterbedrijf wil voorkomen dat de klanten van het Waterbedrijf indirect moeten betalen voor de gevolgen van deze reconstructies en heeft derhalve om schadecompensatie gevraagd bij het Rijk. Voor de reeds afgesloten reconstructieprojecten is compensatie ontvangen via de Nationaal Coordinator Groningen (NCG); voor de projecten die ultimo 2025 onderhanden zijn is een vordering opgenomem. Met betrekking tot toekomstige reconstructieprojecten verwacht het Waterbedrijf een soortgelijke compensatie te ontvangen. Er zijn gesprekken gaande met het Ministerie. Het Waterbedrijf heeft inmiddels een onderbouwing gegeven van de te verwachten vervolgcompensatie. Aangezien de gesprekken over vervolgcompensatie nog lopen en er nog geen definitieve duidelijkheid is, is er nog geen exacte schatting te geven van de uiteindelijk omvang van de compensatie die zal worden overeengekomen voor toekomstige projecten in relatie tot werkzaamheden als gevolg van versterkingsoperaties.

De aan het einde van het verslagjaar aangegane inkoopverplichtingen bedragen € 40.978 (2024: € 11.440) en betreffen aangegane verplichtingen met derden voor operationele werkzaamheden (€ 1.329) en investeringswerken in uitvoering (€ 39.649), waarvan de verplichtingen in 2026 zullen worden afgewikkeld.

Aan de Stichting Het Groninger Landschap is de toezegging gedaan om jaarlijks € 454 te betalen (tot en met 2028) ten behoeve van het op harmonische wijze laten samengaan van natuurontwikkeling en waterwinning.

Er bestaan huur- en leaseverplichtingen voor kantoorapparatuur ad € 24 (2024: € 24) tot en met 30 juni 2027.

WACC - Op basis van voorlopige berekeningen zal voor het resultaat uit drinkwateractiviteiten de realisatie van Weighted Average Cost of Capital (WACC) uitkomen op 4,56%. De norm voor 2025 is 4,32%. Dit betekent een overschrijding van de norm van 0,24% (circa € 660). Deze overschrijding zal bij de tariefsbepaling voor 2027 weer verrekend worden in een lager drinkwatertarief.

Claim SDW - Op 25 januari 2024 heeft N.V. Waterbedrijf Groningen van Stichting Droogteschade Waterwinning (verder SDW) een uitnodiging ontvangen voor een gesprek om te komen tot een minnelijke regeling met landbouwbedrijven die droogteschade leiden als gevolg van waterwinning. SDW is van mening dat de landbouwbedrijven in Nederland als gevolg van grondwateronttrekking door waterbedrijven in 2020 in totaal € 28,1 miljoen aan schade hebben geleden. SDW heeft op 27 maart 2024 Waterbedrijf Groningen -en meerdere collegadrinkwaterbedrijven gedagvaard. N.V. Waterbedrijf Groningen is van mening dat gedupeerden in geval van vermeende droogteschade ten gevolge van waterwinning zich voor schadebeoordeling kunnen wenden tot de AdviesCommissie Schade Grondwater (verder ACSG), een onafhankelijke door de provincie(s) aangestelde commissie. Vragen of klachten over de door de ACSG gehanteerde onderzoeksmethodiek en schadebeoordeling dienen naar onze mening dan ook aan deze instantie gericht te worden. Op 16 september 2025 heeft een zitting plaatsgevonden omtrent de bevoegdheid en toepassingsbereik van de rechtbank Den Bosch. De rechtbank heeft vervolgens op 10 december 2025 een uitspraak gedaan waarbij is geoordeeld dat zij bevoegd is te beslissen op de vorderingen tegen alle drinkwaterbedrijven en dat de WAMCA (Wet afwikkeling massaschade in collectieve actie) van toepassing is op alle vorderingen, inclusief de vorderingen die zien op onttrekkingen vóór 15 november 2016. Deze uitspraak geeft geen oordeel over de inhoudelijke kant van de claim. De eerstvolgende processtap is de beoordeling van de ontvankelijkheid van de SDW-claim. Wat betreft het vervolg van de procedure overweegt de rechtbank dat de drinkwaterbedrijven op 4 maart 2026 antwoordconclusies zullen nemen. De rechtbank heeft voor 22 juni 2026 een zitting gepland. In de huidige fase van het traject kan N.V. Waterbedrijf Groningen geen reële schatting maken of en welke impact dit zou kunnen hebben en heeft derhalve hiervoor geen financiële verplichting opgenomen in de balans.

Financiële instrumenten

Het belangrijkste risico uit hoofde van de financiële instrumenten van N.V. Waterbedrijf Groningen is het prijsrisico, voornamelijk bestaande uit het rente/liquiditeitsrisico. Het is beleid van N.V. Waterbedrijf Groningen om deze risico’s te beperken door een evenwichtige wijze van financiering voor wat betreft looptijd en type financiering. Er is ultimo boekjaar geen gebruik gemaakt van bijvoorbeeld rentederivaten aangezien deze met de huidige type van financiering niet noodzakelijk wordt geacht.